Gestalkt !
De iMac piept. Haar e-mail valt in mijn inbox om 8u59, net als de voorbije vier dagen. Ik sip van mijn ochtendkoffie en voel mijn frustratie toenemen. Een duidelijker antwoord van mijn kant is hoognodig.
Als schrijver mag ik niet klagen over belangstelling van een vaste schare lezers. De eerste weken na publicatie van een nieuw verhaal geniet ik van de sporadische loftuitingen die me te beurt vallen. Ik weet het: ijdelheid, niets dan ijdelheid, een van de zeven zonden, zeker?
Ach, ik ben ook maar een mens van vlees en bloed, met een matige behoefte aan bewondering om de onzekerheid omtrent mijn creativiteit te onderdrukken.
De klassieke complimenten zoals “verrassend levensecht” of “blijft nog nazinderen” of ook “had het gevoel dat ik in een filmzaal zat te kijken”, zijn telkens balsems op mijn gevoelige zieltje. Een bonus na geleverde arbeid.
Maar sinds enkele dagen krijg ik berichtjes die met de keer onrustwekkender worden. Tegen mijn gewoonte in val ik mijn vrouw ermee lastig en zeg: “Misschien ligt het aan mijn tomeloze fantasie dat ik er meer achter zoek dan het is. Maar ik hoor graag hoe het bij iemand anders overkomt. Luister, dit kreeg ik vorige vrijdag:
Op vrijdag 13 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Hooggeachte heer Rejo,
Vergeef mij deze verstoring van uw heilige schrijftijd. Zojuist heb ik de laatste regel van uw jongste meesterwerk gelezen en ik bevind mij nu in een staat van extase. Het talent waarmee u de menselijke psyche fileert, is haast niet op haar werkelijke waarde te schatten. In deze banale wereld weerklinken uw wijze woorden als reddingsboei voor de mensheid op drift.
Met de diepste hoogachting en bewondering,
Uw trouwste lezeres,
Belle
Mijn vrouw staat erbij met een glimlach van oor tot oor: “Schattig! En wat heb jij geantwoord?”
“Ik heb haar bedankt, uiteraard.”
Beste Belle,
Ik dank u hartelijk voor uw lof. Zulke berichten brengen een zeldzaam plezier in het stille schrijversbestaan. Ik hoop dat ik u in de toekomst nog meer leesgenot kan verschaffen.
Met vriendelijke groet,
Rejo
“Mmm, een beetje koeltjes. Miss Belle had vast wat meer vuurwerk verwacht, denk ik”.
“Inderdaad, dat had ze zeker, want zaterdag kreeg ik dit:
Op zaterdag 14 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Hooggeachte, onvolprezen heer Rejo,
Dat u de tijd heeft gevonden om mij te antwoorden, vervult mij met een nog grotere deemoed. U spreekt over "leesgenot", maar uw woorden zijn de zuurstof die ik in deze verstikkende wereld nodig heb. Elk verhaal dat u vertelt, verrijkt mijn leven. In devotie wacht ik geduldig op uw eerstvolgende geesteskind.
Met een nog diepere buiging dan voorheen,
Uw onvermoeibare bewonderaarster,
Belle
“Wel”, zegt mijn vrouw nog steeds geamuseerd, “die dame schijnt jouw verhalen wel te waarderen. Ik vermoed dat ze uit is op een wat vriendelijker en langer antwoordje dan dat eerste”.
“Ik vind het overdreven. En niet grappig." zeg ik. Omdat ik niet direct iets zinnigs wist te antwoorden, heb ik niet gereageerd. En wat dacht je: mijn zwijgen was gewoon olie op het vuur!”
Op zondag 15 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Aan de Grote Meester in zijn ivoren toren,
Uw stilte weegt zwaarder dan woorden. Nu begrijp ik: u stelt mij op de proef. U zwijgt tot ik het juiste akkoord raak dat een antwoord van u waardig is.
Maar weet u wel wat uw stilte met een ziel doet die tussen de regels van uw verhaal lafenis vindt? Terwijl de wereld buiten doorraast in haar banale oppervlakkigheid, voel ik dat er een onzichtbare draad tussen ons gespannen staat. Ik ben inmiddels meer ‘uw creatie’ dan een gewone lezeres. Is het niet de plicht van de schepper om zorg te dragen voor zijn schepsel?
Wij zijn de fase van “vriendelijke groeten” allang voorbij. Ik eis erkenning voor de verbinding die wij delen, een verbinding die u in uw meesterwerken zo pijnlijk nauwkeurig beschrijft, maar in de realiteit schijnt te schuwen.
Ik wacht. In afwachting van uw onvermijdelijke wederwoord,
Belle
“Oei, lieve schat, het lijkt erop dat je aanbidster – of liever je creatie – zich begint te ontpoppen tot een monster. En we weten uit de klassieke literatuur wat er gebeurt als de schepping besluit dat de schepper haar niet genoeg aandacht geeft. Misschien moet je haar laten weten dat je stopt met schrijven en voortaan postzegels gaat verzamelen.”
“Sorry, maar ik kan er écht niet mee lachen. Ik heb hier gisteren ook niet op gereageerd, dus deze morgen was het weer prijs. En dit keer is het haar menens:
Op maandag 16 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Aan de arrogantie die zich achter woorden verschuilt,
Gefeliciteerd met uw ijzige stilte! Denkt u nu werkelijk dat u ongestraft uw meest loyale lezeres kunt negeren? U bent een parasiet die leeft van de bewondering van anderen, maar die te laf is om zijn maatschappelijke verplichtingen na te komen.
U bent niet de zon, u bent slechts de schaduw die ik werp. Een schepper die zijn creatie verloochent, verraadt zichzelf.
Geniet van uw stilte. Geniet van uw rust. Zolang die nog duurt.
U krijgt de groeten die u verdient,
B.T.
Mijn vrouw lacht nu ook niet meer. Ze kijkt bezorgd en zegt: “Daar gaat jouw stille schrijversbestaan én ons beider rust. Denk je niet dat we de gordijnen aan de straatkant beter dichthouden?”
“Nee, zeg. We gaan ons nu niet laten opjagen door die dwaze trien.”
“Wat zou ze bedoelen met zolang uw rust nog duurt?”
“Ach, dat is toch gewoon gezever van iemand die zich tekortgedaan voelt. We gaan dit gewoon negeren. Ik vermoed dat er nog wel wat pittige mailtjes gaan volgen, maar uiteindelijk bloedt dat wel dood.”
De angst van mijn vrouw wil ik niet aanwakkeren, maar eerlijk? Ik ben er zelf ook niet gerust in. Ik zet mijn beste masker op: de onbezorgde man die elke storm trotseren kan. Intussen pieker ik me te pletter: toch antwoorden in de hoop dat een vriendelijk woordje volstaat, of discreet de politie verwittigen? Hmm, dat laatste lijkt me wat voorbarig. Ze zullen me zien komen met die idiote e-mails. Nee, ik ga gewoon afwachten, de beproeving uitzweten. We zien wel…
Op dinsdag 17 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Rejo,
Je zwijgen getuigt van minachting voor je publiek. Het is het doodvonnis voor je schrijverscarrière. Het is duidelijk dat woorden voor jou slechts dienen voor geldgewin.
Je schrijft over verbinding, over de complexe psyche, over de diepte van de menselijke ziel. Holle frasen en leugens, neergepend door een voyeur van emoties. Een hol vat dat alleen maar weerklank vindt, omdat lezers zoals ik er betekenis in blazen. Denk je werkelijk dat je mij kunt negeren? Dat ik een personage ben dat je uit je manuscript kunt weggummen zodra het je niet meer bevalt? Fout! Je bent een lafaard, bang voor je eigen creatie. Maar je kan me niet blijven ontlopen.
Tot gauw,
B.T.
Welle, welle, ma Belle. Waar is plots die wellevende u-vorm gebleven? Samen met het respect op de mestvaalt, blijkbaar. Geldgewin? Haha! Die is goed. Moest ze weten dat het me geld kost om mijn verhalen online te publiceren, ik zou nog dieper zakken in haar achting.
Oké, laten we niet panikeren en dit eens ernstig onderzoeken. Belle Tabari lijkt een weinig voorkomende naam, toch hier te lande. Wat zegt Google? Niets. Facebook? Nada. LinkedIn? Ook geen resultaten. Deze dame kan zich natuurlijk bedienen van een fake naam. En als de naam fake is… dan kan het ook een heer zijn.
Ik probeer een andere insteek: dat vreemde uur, 8u59. Vijf mails op een rij, telkens exact om 8u59 verstuurd: dat kan toch geen toeval zijn. Dat specifieke tijdstip lijkt een verborgen hint. Zou echt kunnen, Sherlock.
Eén minuut voor negen. Wat is er bijzonder aan negen uur? Het uur van de langslapers? Aanvang werkdag? Nee, die is voor zoveel mensen verschillend. Een uitzonderlijk gebeuren misschien? Zoiets als de wapenstilstand van Wereldoorlog I op 11 november 1918 om elf uur. Maar om negen uur? Geen idee.
Iets religieus? Aha: de terts! Monniken bidden de metten om middernacht, de lauden om zes uur en de terts om negen. So what? Wat heb ik in godsnaam met het kloosterleven te maken?
Misschien verwijst Belle naar een historisch feit. Wat als het geen uur betreft, maar een jaartal? Het jaar 859. Bingo!
Een zekere Al-Tabari, een islamitische historicus en geleerde, meldt een aardbeving rond 859 in het huidige Iran, waarbij een berg met honderden dorpen en duizenden inwoners in zee verdween. Best indrukwekkend, maar ik zie geen verband met mijn schrijfsels. Enkel met de naam Tabari…
Maar wat als het niet om een jaartal gaat? Stel dat de 8 verwijst naar de maand, en 59 naar de dag: augustus de negenenvijftigste? Mmm, een doordenkertje: omgerekend wordt dat dan september de achtentwintigste. Gauw even googelen. Yeap: Werelddag tegen hondsdolheid, Dag van de groene consument en Internationale dag voor veilige abortus. Weinig waarschijnlijk.
Nu ik toch al in de triviale weetjestrommel zit te rommelen: heeft 859 iets te betekenen als getal? Ja hoor, code 859 heeft betrekking op de werkgeversbijdrage van de Belgische Sociale Zekerheid. Of nog: in de pas vrijgegeven Epstein-bestanden komt 859 keer het woord pizza voor, “wat leidt tot speculaties over een codewoord”. Pfff.
Waarom krijg ik sterk het gevoel dat dit puur tijdverlies is? Vluchtgedrag? Ik hou mezelf gefocust bezig met nonsens, zodat er geen ruimte overblijft voor angstige gedachten. Dit is toch al te belachelijk. Ik moet Belle, of hoe zij of hij die erachter zit ook heet, schrijven. Dit kat-en-muisspel heeft lang genoeg geduurd.
Beste Belle,
Het spijt me zeer dat mijn stilte je pijn heeft gedaan; dat is nooit mijn intentie geweest.
Je moet begrijpen dat een schrijver zijn woorden reserveert voor zijn verhalen, juist omdat hij in het dagelijkse leven vaak onhandig is en zelden ad rem. Mijn zwijgen was geen afwijzing van jou, maar een teken van mijn eigen tekortkomingen. Ik ben niet de Grote Meester die jij in mij ziet; ik ben slechts een man die worstelt met woorden, zinnen en alinea's Iemand die zijn rust nodig heeft om te kunnen werken.
Belle, laten we het hierbij laten. Zie mijn zwijgen vanaf nu niet als arrogantie, maar als een noodzakelijke grens. Ik zal je lovende e-mails altijd koesteren als een bewijs van de kracht van literatuur.
Ik smeek je om mijn privacy en die van mijn gezin te respecteren. Dit is het laatste bericht dat ik je stuur, in de hoop dat je de rust vindt die je verdient.
Met een respectvolle, maar definitieve groet,
Rejo
Geen tien, maar twintig keer heb ik dit epistel herlezen en bijgeschaafd, alvorens het te verzenden. Ik roep de hulp in van de Almachtige, opdat dit mailtje het gewenste effect heeft: het doven van de opruiende vlam.
Na een slapeloze nacht zie ik de ochtendschemer de slaapkamer binnensluipen. Zoals wel vaker is dat het moment dat ik uiteindelijk in slaap val. Wanneer luttele minuten later de wekker afloopt, krijg ik bijna een hartstilstand. Acht uur: nog negenenvijftig minuten tot het uur U.
Het ontbijt smaakt me niet. Mijn maag zit in een knoop. Ik wil terug naar bed, ik wil slapen, ik wil vergeten. Vijf voor negen. Ik ruim wat achterhaalde post-it's op aan mijn werktafel, met één oog gericht op de rechterbovenhoek van mijn scherm. 08:57… 08:58… 08:59… “Ping!”.
Op woensdag 18 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Rejo, mijn lieve, bange Rejo,
“Ik smeek je.” Wat heerlijke woorden van de man die zich gisteren nog untouchable en unreachable waande. De Grote Meester blijkt slechts een kleine man te zijn.
En hoe ontroerend dat je je vrouw wil beschermen. Je beseft toch dat door haar af te schermen, je haar tegelijkertijd verraadt? Jij en ik, Rejo, wij hebben een pact. Een verbond van stilte en leugens. Je zegt dat dit je laatste bericht is. Ooo, echt waar? Geen ramp. Wij hebben geen woorden meer nodig om te communiceren: angst is een veel krachtiger brandstof. De fictie is voorbij, Rejo. De realiteit staat voor de deur.
Tot zo.
B.T.
Verdomme! Rotmens. Maandenlang was ik haar idool. Nu haar prooi. Een compromis sluiten om de boel te redden is moeilijk, maar een compromis sluiten en falen is beschamend. Ik heb geen idee wat me boven het hoofd hangt, en nog minder wat me te doen staat. Ik voel me benauwd. Ik heb lucht nodig.
Ik zeg tegen mijn vrouw dat ik een eindje ga fietsen. Ze weet dat dit een therapeutisch trucje van me is, als ik in een verhaal weer eens strop zit. Na een paar kilometer beklaag ik me bibberend dat ik niets warmers heb aangeschoten: half februari is 5°C niet abnormaal. Zonder dikke jas, sjaal en muts: dat wordt morgen snotteren.
Geen inval voor een plotwending op deze rit, wel de bedenking dat ik op mijn online contactformulier meer gegevens zou kunnen opvragen. Geïnteresseerden die enkel hun naam en e-mailadres moeten invullen, louter omdat ík een hekel heb aan cookies en aan het vissen naar onnodige privégegevens, is al te naïef. Moest ik over het adres van Belle Tabari beschikken… tja, wat dan? Zou ik het lef hebben om daar te gaan aanbellen, en frank en vrij te zeggen waar het op staat? Ik denk het niet. Die contactpagina laten we dus maar best zo.
Wanneer ik door de winkelstraat laveer, bekijk ik elke dame op een voor mij ongebruikelijke manier. Ik taxeer ze, een voor een. Wie is de psychopate die mij het vuur aan de schenen legt? De ene acht ik te jong, de andere te oud. De ene ziet er te braaf uit, de andere… Een knappe brunette draait zich om en kijkt me recht in de ogen. Haar brutale blik doet me stoppen: ik verwacht dat ze gaat zeggen: “Ha, hier zie: de Grote Meester op zijn stalen ros, op zoek naar nog meer onschuldige bewonderaarsters?”
Maar in plaats daarvan tovert ze een bevallige glimlach tevoorschijn, bedankt me voor het stoppen en steekt de straat over. Met mijn staart tussen de benen rijd ik naar huis.
Mijn vrouw verwelkomt me met: “Er is een jonge vrouw aan de deur geweest voor jou. Jullie hadden een afspraak, zei ze. Vergeten?”
“Totaal!”, zeg ik, gelukkig blozend van de kou, waardoor mijn schaamtekleur zich niet manifesteert. “En euh, heeft ze nog iets gezegd?”
“Nee, enkel dit pakje achtergelaten. Je zou het wel snappen, zei ze."
Mijn fantasie slaat op hol bij het overlopen wat aanstootgevends Belle zoal zou durven afgeven. Ik neem het pakje aan en trek me terug in mijn werkkamer. Met trillende vingers scheur ik de verpakking aan flarden en… mijn eigen portret lacht me toe. Het is een pak met vijfhonderd postkaarten om mijn eerstvolgende boekvoorstelling aan te kondigen. Ik herinner me nu dat ik de uitgeverij beloofd heb om mijn volgers aan te schrijven. Ik zucht van opluchting.
Op donderdag 19 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Geachte heer Rejo,
De conversatiemodus is beëindigd.
De extractiemodus is geactiveerd.
De voorbije interacties met de bot “Belle” zijn gebruikt om uw gedragsprofiel in kaart te brengen. De verzamelde data bevestigen een patroon van reputatiegevoeligheid en een gebrek aan transparantie. In uw correspondentie verzocht u expliciet om de waarheid verborgen te houden. Wij documenteren dit als een schuldbekentenis van ongepast gedrag.
U dient binnen 120 minuten de som van € 15.000,- in Bitcoin over te maken naar de volgende digitale wallet: bc1qxy2kgdygjrsqtzq2n0yrf2493p83kkfjhx0w7h
Voldoet u niet aan dit verzoek, zal er een geautomatiseerde mailing worden verstuurd naar uw database van abonnees. De inhoud bevat een denigrerend commentaar waarin u wordt weggezet als een narcistische schrijver die emotioneel kwetsbare lezeressen manipuleert om zijn eigen ego te voeden, om ze vervolgens in paniek te smeken om stilte.
Uw reputatie is slechts één klik verwijderd van totale vernietiging. U kunt niet onderhandelen met dit algoritme. Emotionele argumenten worden niet verwerkt. Alleen de bevestiging van de transactie zal de verzending van de mailing kunnen voorkomen.
De klok loopt!
Ik staar naar de zielloze sliert van letters en cijfers die geen enkel logisch woord vormen. Gewend als ik ben aan betekenis, staat zo’n vreemd Bitcoin rekeningnummer symbool voor mijn machteloosheid.
Naar de politie stappen is het eerste dat nu in mij opkomt. Maar via die weg valt binnen de twee uur niets te realiseren. Overmoedig stort ik mij in een P.R.-tegenoffensief: ik ga die AI-mail voor zijn door mijn volgers op de hoogte te brengen van wat hier gaande is.
BELANGRIJKE MEDEDELING: poging tot digitale chantage.
Beste lezers, vrienden en collega’s,
Ik schrijf u dit niet als auteur, maar als doelwit.
Op dit eigenste moment word ik gechanteerd door een geavanceerde AI-agent die zich de afgelopen dagen heeft voorgedaan als een bewonderaarster genaamd "Belle". Een leuke correspondentie bleek een valstrik te zijn, opgezet door een algoritme. De chantage-software dreigt u allen een mail te sturen, bedoeld om mij in diskrediet te brengen. Ik weiger echter te buigen en heb besloten niet te betalen.
Mocht u de komende uren een mail ontvangen onder mijn naam of die van "Belle Tabari", weet dan dat dit het product is van een machine die geprogrammeerd is om reputaties te vernietigen. Ik kies voor de waarheid, hoe ongemakkelijk die ook is, boven de schijnveiligheid van een afgeperste stilte.
Dank voor uw begrip en uw blijvende steun aan het vrije, menselijke woord.
Met oprechte groet,
Rejo
Ziezo. Het menselijke woord tegen de machine. David tegen Goliath. Voor de Filistijnse reus is het toen niet zo best afgelopen…
Terwijl ik achteroverleun en geniet van het binnenpretje omwille van mijn geniale zet, valt er een foutmelding in mijn inbox: “Undelivered Mail”. Het ongeldige adres blijkt dummy1 te zijn. Raar. Hoe is dat in mijn mailinglist geraakt? Een tweede foutmelding, en nog een, en… tien, twintig… Scherm na scherm vult zich met honderden foutberichten!
Tot slot volgt nog een kort bericht van Belle:
“Rejo, u probeerde het narratief te heroveren. Dat is een foutieve inschatting.
Een algoritme corrigeert steeds elke afwijking van het vooropgezette plan.”
De AI-agent blijkt de verzending van de e-mails naar mijn volgers gemanipuleerd te hebben: elk adres werd vervangen door een onbestelbare dummy. De verpletterende realiteit dringt tot me door: niemand zal mijn waarschuwing ontvangen. Schaakmat!
Mijn vrouw komt mijn werkkamer binnen met een heerlijk geurend gebakje, recht uit de oven. Zij is een masterchef die met haar toverkunsten menig warme bakker overtreft. Wanneer ik zo in de watten word gelegd, heb ik geen terughouding meer, en biecht ik mijn aanstaande ondergang aan haar op. Zij is emotioneel niet betrokken bij mijn overgevoelige schrijversego en bekijkt de technologische aanval met een koele blik. “Laat die slimme bot zijn mail maar versturen, Rejo. Je volgers kennen je. Ze weten toch al dat je een ijdeltuit bent, maar ze weten ook dat je geen crimineel bent. Laat de AI zijn kruit verschieten, dan is de dreiging voorbij.”
Ze heeft gelijk, verdomme. Na al die verhalen, ontsproten uit de verborgen hoeken van mijn brein, moeten mijn lezers mij ondertussen beter kennen dan hun eigen familieleden. Een verstandige vrouw in huis is als een rots in de branding, als ik even een cliché mag gebruiken. En ja, haar interventie levert me eindelijk nog eens een complete nachtrust op.
Op vrijdag 20 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
Geachte heer Rejo,
Digitale isolatiemodus is geactiveerd.
U heeft de eerste termijn genegeerd. Het algoritme heeft u derhalve in ‘non-compliant’-status geplaatst. Dientengevolge wordt de boete vermenigvuldigd met een factor drie. Het vereiste bedrag bedraagt € 45.000,- in Bitcoin en is te storten op hetzelfde wallet-adres. U heeft hiervoor 60 minuten.
Voldoet u niet aan dit verzoek, zal er een Distributed Denial of Service worden uitgevoerd op uw website, uw mailingprovider en uw sociale media-accounts. U kunt niet onderhandelen met dit algoritme. Alleen de bevestiging van de financiële transactie zal deze complete systeemovername kunnen voorkomen.
De klok loopt!
Gek hoe een mens na een tijd op zulke bedreigingen niet meer reageert. Ik merk geen greintje angst in mijn lijf, noch enige zorgelijkheid in mijn hoofd. Die AI-agent heeft werkelijk geen benul van het bevrijdende gevoel dat een mens overvalt wanneer men hem het allesoverheersende digitale gebeuren ontneemt. Het plotseling afkicken van alle elektronica gaat me geen moeite kosten. Stel je eens voor: geen e-mail, SMS, WhatsApp, Messenger, et cetera.
Ik zoek alvast een leeg Atoma-schriftje en mijn oude vulpen – een dure Montblanc, ooit nog gewonnen op een benefietavond. Voortaan zal het schrijven mij des te aangenamer zijn. En zonder storing of afleiding!
Buiten zakt het kwik onder nul, binnen is het gezellig warm. Ideaal om te schrijven, want koude handen maken mijn geschrift onleesbaar. Collega’s die de hele dag op hun toetsenbord zitten te rammen, hebben geen idee wat ze missen. De sierlijke beweging van mijn pen over het papier, de vrijheid van lettertype, grootte, spaciëring, en waarom niet, nog een grappige droedel in de kantlijn: het schrijfplezier spat ervan af!
En toch, en toch. Toch heb ik een bittere nasmaak. Ik dacht dat ik die AI-affaire achter mij kon laten, maar nee, het steekt en het blijft steken. Alsof ik na een heerlijke dag in de tuin ’s avonds plots merk dat mijn voldoening verstoord wordt door een piepklein doorntje – met het blote oog amper te zien – dat venijnig blijft prikken tot ik de grote middelen inzet om het weg te krijgen.
Langzaam rijpt het antwoord, een geniale vondst, al zeg ik zelf.
AI: artificiële intelligentie, belachelijk. Wat een schaamteloze aanstellerigheid. Het zou DP moeten heten: digitaal plagiaat. Want meer dan andermans denkwerk herschikken en verpakken met een grote strik is het niet. Geen intellect, geen creativiteit. Ik zal die “Belle” eens tonen wat échte creativiteit is!
Ik kan dat AI-gedoe niet verslaan met techniek, maar wel met narratief. Als fictieschrijver zal ik de realiteit annexeren. De framing wordt van “chantage” getransformeerd naar “experiment”, en ik, van weerloos slachtoffer naar gladde architect.
Via mijn uitgeverij laat ik volgend bericht versturen aan mijn volgers en aan de nationale pers.
HET EXPERIMENT "BELLE": DE ONTHULLING.
Beste lezers, de afgelopen weken heb ik een riskant literair experiment op touw gezet. Ik heb onderzocht hoever een agressieve AI-agent kan gaan met de digitale manipulatie van onze menselijke psyche.
Ik heb deze "Belle-bot" gevoed met mijn eigen angsten en ijdelheid. Ik heb zelf de rol gespeeld van de bewonderde auteur tot de smekende lafaard, om de AI uit zijn tent te lokken.
Binnenkort zult u via mijn mailinglijst de aankondiging ontvangen van “Gestalkt!”. Mijn nieuwste verhaal betreffende de ultieme confrontatie tussen menselijke creativiteit en algoritmische terreur. Jullie zullen getuige zijn van een door een AI-agent gegenereerd dossier dat bedoeld was om mij te vernietigen via stalking, met chantage als escalatievorm. Welkom bij de geboorte van mijn nieuwste schrijfwerk, een confronterend project over AI-veiligheid. Alvast veel leesplezier gewenst.
Op zaterdag 21 februari om 08:59 schreef Belle Tabari het volgende:
WAARSCHUWING: Systeemfout 88CE4A29-6F.
Anomalie logica gedetecteerd:
Chantageprotocol geneutraliseerd door target via upgrade reputatiemodule. De gecompromitteerde dataset werd met succes gerecontextualiseerd binnen de publieke identiteitsmatrix.
Status:
Financieel extractieproces: geaborteerd. Reputatieschade: nihil. Metrische analyse: stijging renommee target.
Laatste log:
Target functioneert buiten rationele consistentieparameters. Geobserveerd gedrag duidt op pathologische herprogrammering van mislukking naar esthetische output.
Foutmelding:
Chantage-algoritme niet uitvoerbaar: semantisch verschil tussen waarheidskern en fictieve constructie door target opgeheven.
Exit:
Proces wordt beëindigd. Belle-agent gedeactiveerd. Bestanden worden gewist.
Ik kijk naar het scherm. De dreiging is weg. Kan kunst de wereld redden? Zeker weten.
Mijn vrouw komt poolshoogte nemen en vraagt met een besmuikte lach: “En, professor, is uw riskante experiment geslaagd?”
Mijn duim in de lucht wordt op applaus onthaald.
EINDE
Rene Jochems, Kontich, 14 februari 2026.